Hoge Raad vraagt uitleg douanewetgeving

Wanneer goederen van buiten de Europese Unie de Unie binnenkomen, moet daarvan aangifte worden gedaan bij de douane. Afhankelijk van de bestemming van de goederen moeten douanerechten en/of omzetbelasting worden betaald. Bestaat er bij aankomst van de goederen op de plaats van bestemming een verschil in aantallen goederen ten opzichte van de aangifte bij de douane, dan moeten over het verschil ook douanerechten en omzetbelasting worden betaald. De douanewetgeving bepaalt wie voor de goederen en dus voor de douanerechten en omzetbelasting aansprakelijk is.

 

Een uit Brazilië afkomstige partij rundvlees werd in afwachting van het verkrijgen van een douanebestemming in tijdelijke opslag genomen. Na aangifte tot plaatsing onder de douaneregeling extern communautair douanevervoer werd de container waarin de partij zich bevond door de douane verzegeld en vrijgegeven. De container werd nog dezelfde dag vervoerd naar degene voor wie het rundvlees was bestemd. Bij aankomst was de verzegeling van de container nog intact, maar de container bevatte 2 colli rundvlees minder dan volgens de douaneaangifte. De douane nodigde de aangever uit tot betaling van douanerechten en omzetbelasting over de vermiste goederen.

 

Voor de rechtbank was in geschil of de aangever aansprakelijk kon worden gehouden voor de vermissing van goederen, waarvan vermoed wordt dat zij zijn verdwenen tussen het tijdstip van aanvaarding van de douaneaangifte voor douanevervoer en het tijdstip van het aanbrengen van de douaneverzegeling op de container.

Volgens de rechtbank behouden niet-communautaire goederen nadat zij het douanegebied van de EU zijn binnengebracht, de status van 'goederen in tijdelijke opslag' tot het moment waarop de douane de goederen heeft vrijgegeven. Gedurende de periode van de tijdelijke opslag kan de aangever volgens de rechtbank niet als douaneschuldenaar worden aangemerkt.

Dat oordeel is volgens de Hoge Raad juist.

De vraag is echter wat precies het tijdstip is, waarop goederen in tijdelijke opslag een douanebestemming krijgen en (daarmee) de status van goederen in tijdelijke opslag verliezen. Volgens de Hoge Raad kan dat uit de douanewetgeving niet eenduidig worden afgeleid.

Mogelijkheden zijn het tijdstip waarop de aangifte voor een douaneregeling wordt aanvaard of het moment waarop de douaneautoriteiten de goederen vrijgeven. De Hoge Raad heeft deze vraag voorgelegd aan het Hof van Justitie EU.

aangifte hoge raad douanerechten goederen douane tijdelijke opslag container douanewetgeving

07-10-2011 | 14:56 | Informanagement
Deel via:

Blijf op de hoogte, geef je op voor onze maandelijkse nieuwsbrief


Of volg ons via LinkedIn/Twitter

  

Zoeken in nieuwsbank